Plausibel cafégedrag bij niet-minderjarigen

Het is een probleem wanneer alle mensen er hetzelfde uit zien. Een kunstcafé met allemaal dezelfde fucking flamingo’s.  – “Is dat uw nieuwjaarsresolutie, stiefmoeder worden?”

Tandartsen met dezelfde Mortdecai snor. Gordijnen. Take a glimpse- glimlachen, net zo wit als de verplichte dokterjas. – “Ik heb gestudeerd en de snor zat bij het diploma.”

Retailers hebben het goed begrepen, massaproductie is een manier om ons in onszelf te verkleden. Ik ben ook schuldig, want ik ben nooit echt Marilyn Monroe blond geweest.

Om de correcte homogene samenstelling van mensen te vrijwaren, betaal je tegenwoordig duurdere koffie. Omdat ik mezelf heb ingedeeld onder de niet-babymakende kunstzinnige tweedehands groengoeroes, betaal ik mezelf blauwtjes aan soya-chaï-latte’s. Thee met soyamelk in glazen of kuipen, binnenkort in baxters gewoon omdat het hipster is om uit baxters te drinken. Dit is een niet-baby-makers-café met dure cola.

Maar ook mijn favoriete magazine. Oogst… kruisbestuiving en geesteskind tussen Jozefien Van Beek en Frederik Willem Daem. Mooie niet-baby vind ik dat van twee homogene mensen. Ik zou er ooit, ook wel zo eentje willen. Met iemand. Hoeft niet eens van papier te zijn (de DNA-soort lukt me sowieso niet). Misschien iets zoals op de ELLE-magazines onder OOGST en Kluger Hans. Vreemde grayscale fotografie. Stijlvolle take-me-serious baby in 17-jarig naaktportret. Ik weet het niet. Iets teamgericht zou mij blij maken. Het mag zelfs de perfecte eierboterham zijn. Alles, als het maar afsteekt tegen mijn soloprojecten: de half aangebrande eierboterham. 

De deur opent en in het gangpad: Trui rond nek bindende, I-am-so-single-my-balls-jingle gast. Zonnebril dragende lichtjes gevoelige coolio. De verduistering van fijne gedachten. Al wat rest is image! Sommige mannen hier hebben mooier haar dan mij.

STOP.

Twee verdwaalde individuen, in de verkeerde stroom gestapt. Heterogeniseren het overvolle café. Platinablond, chihuahua en designersneakers, bijpassende high-end jeans en de onmogelijkheid om het voorhoofd te fronsen. De vrouw draagt bont, dat is not done in een hipster-café voor niet-DNA-baby-makers.

Botox en koffie.

“Verkeerde bar”, wil ik roepen.

De vrouw lijkt een permanente instagramselfie.

Ik roep niets.

Ik geloof niet echt in mijn sociaal-wetenschappelijk gemompel, als ik er al iets van geloof dan vind ik mijn gedachten stigmatiserend en grenzend aan gemeen. Mijn aardigere zelf stuurt haar gedachten naar het betere haar: ik wil de man vragen welke shampoo hij gebruikt. Bedenk dat ik er zelf duidelijk beter wel zou – maar  ik ga de laatste tijd ‘s morgens veel te snel de deur uit.

Het kon gisteren zijn geweest dat ik mijn haar heb gewassen. Vandaag of mogelijks ook overmorgen. Welke dag het is weet ik niet, maar ik beslis om morgenvroeg mijn haar te wassen.

Ik roer in mijn gemberthee met citroen-sinaasappelpartjes. Een takje rozemarijn. HIPSTEROZEMARIJN. Dat is onbespoten, onbemeste, organische, ecologische, bebaarde, streetwise, lichtgewichtfietsende, donkergroene, gearomatiseerde rozemarijn in een zonnegroet yoga-sensei-positie.

Ik roer zodat ik niet denk aan hetgeen ik jou nog wou vragen toen ik je daarnet vluchtig tegenkwam: “Zijn de mensen de laatste tijd een beetje lief tegen je?”  Ik hoop het.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *